
Het zoveelste bericht in de krant en het zoveelste programma op tv, over mensen met schulden en over kinderen met een achterstand. IK maak me zorgen, want mensen met schulden zijn vaak (alleenstaande) ouders en hebben dus kinderen die opgroeien in schulden. IK maak me zorgen.
Als kind realiseerde ik me pas dat ik anders opgroeide toen klasgenootjes en vriendjes woorden als ‘museum’ fluisterden en amper durfte te bewegen in mijn huis. Nee joh m’n pa houdt van oude rotzooi, musea zien er anders uit.
Maar ik merk het ook aan andere dingen, kennis die ik blijkbaar als normaal beschouw die schijnbaar bijzonder is. Ik ging als kind verplicht gezellig mee naar het archief, een vakantie was niet compleet zonder weer een oersaai museum en mijn vader las me sowieso niet voor, ik las zelf, en als hij het deed zeker geen Jip, Janneke of wat toen in de mode was.
Daarom ga ik al jaren niet van mezelf uit als ik met jonge mensen praat, ik ben geen vergelijkingsverhaal. Ik ben opgegroeid in de bibliotheek en kon zoveel huisarrest hebben als ik verdient had, ik mocht (moest) gewoon woensdagmiddag naar de bibliotheek. Waarschijnlijk omdat ik niet te handhaven was zonder een verse stapel boeken. Maar IK maak me zorgen, over 12-jarigen die blijkbaar geen gesprek kunnen voeren, amper kunnen lezen laat staan rekenen.
Ooit dacht ik, toen ik zelf nog op school zat, dat IQ te maken had met hoe asociaal een gezin is. Inmiddels weten we dat er, bot en grofgezegd, uit twee domme ouders alsnog een slim kind kan komen. Alleen krijgt een kind in een achterstandssituatie sneller een lager advies. ‘Doe toch maar gewoon het VMBO’, dat.
Maar die kinderen missen ook bepaalde waardes en groeien op met stress, armoede, trauma en andere normen. Voor die kinderen is het storten van loon of kinderbijslag het moment dat ouders snel naar de pinautomaat gaan of achterstallige rekeningen betalen. Ik ken dat niet, hoewel er in mijn jeugd ook heel slechte jaren gezeten hebben. Maar herinner me wel een gezin uit de wijk die bij ons ‘bij’ kwam eten. Herinner me dat kinderen uit mijn klas niet mee mochten op schoolreisje, hun ouders hadden niet betaald.
Ooit dacht men dat mensen dom waren omdat ze geen toegang hadden tot kennis, maar in de huidige wereld valt een 12-jarig kind zonder mobiele telefoon al bijna onder verwaarlozing. Is de bibliotheek al jaren gratis tot 18 jaar maar lijken kinderen en jongeren steeds dommer te blijven. Toegang is er zeker, maar overdracht steeds minder. Is dit het gevolg van ouders die zelf alleen met hun telefoon bezig zijn? Of het dagelijks dumpen van kinderen in crèche? Of is het echt alleen de afleiding van alles wat schermen te bieden hebben?
En ja, er is meer dan eens bewezen dat kinderen die opgroeien in armoede, daar zelf ondanks alle mogelijkheden, vaak ook verzanden. Ze wennen aan de situatie. Weten ze letterlijk niet beter? Maken ze dezelfde fouten of is dit ook verwaarlozing dat ze niet meekrijgen -thuis niet en op school niet- hoe ze met geld om moeten gaan?
Dus ja IK maak me zorgen. Over schoolontbijt, bijzondere bijstand, jeugdfonds, Wilde Ganzen, stichting leergeld, Jarige Job, voedselbank, Sam&, schuldsanering, leefgeld, armoedefonds etcetera want er leven meer mensen onder de armoedegrens leven dan 5 jaar geleden. Dus is er structureel niets veranderd. Gezinnen blijven afhankelijk van bovengenoemde ellende. Meer armoede, deze mensen bouwen ook niet(s) op en kunnen hun kinderen daardoor niet nèt dat beetje extra geven wat ik wel had.
Hoe is het mogelijk dat in Nederland meer dan 100.000 kinderen opgroeien in armoede, terwijl we in de top 10 van rijkste landen staan? En dan moeten we, NAVO-baas Rutte gelovend, nog een slechte tijd in. Dus ja, IK maak me zorgen. Want een rijk land dat armoede beheert in plaats van oplost, schuift de rekening door naar de volgende generatie en die hebben -zonder armoede-, al genoeg op hun bord.













Mirjam Kakelbont zegt
Ik kom uit een arbeidersgezin. Mijn ouders moesten ieder dubbeltje drie keer omdraaien. Hun mantra was: ‘Wie voor een dubbeltje is geboren, wordt nooit een kwartje.’ Ik nam me voor 24 cent te worden. Kwam de kinderbijslag dan moest het e.e.a. worden afbetaald. Ik droeg veel kleding van een ouder nichtje. Het liefst speelde ik buiten of las binnen een boek. Lezen was ontsnappen aan de thuissituatie. Op woensdagmiddag konden mijn broertje en ik gratis film kijken en een bekertje verdunlimonade drinken bij Het Leger Des Heils.
Er zijn veel hulpstichtingen en -verenigingen bijgekomen, maar het zet weinig zoden aan de dijk. Kinderen zouden niet mogen opgroeien in armoede. Ik maak me ook zorgen maar een oplossing heb ik ook niet. Misschien dat ouders wat meer tijd aan hun kind(eren) kunnen besteden en helpen met bijvoorbeeld lezen. Het is maar een idee.
Liesbethblogt zegt
Ook dat realiseer ik me, dat het anders is dan toen. Toen had niemand iets maar spaarde ouders iets uit de mond om de kinderen het te geven. Prioriteiten zijn totaal anders, brood van gister is 25 cent bij Lidl, maar dan moet je vroeg op.maar zolang organisaties gratis weggeven ipv leren, blijft het hetzelfde.
Joke zegt
Zestig jaar geleden leefden veel kinderen in België en Nederland in armoede door lage lonen en beperkte voorzieningen, waarbij gebrek aan basisbehoeften zoals voedsel en onderdak centraal stond. Toen speelden ook strikte sociale en culturele grenzen een grote rol in het dagelijks leven. Vandaag gaat kinderarmoede vooral over kansengelijkheid: kinderen hebben vaak materiële spullen, maar blijven beperkt in sociale deelname, onderwijs en ontwikkeling.
Of het kan beteren?
De financiële middelen voor het bestrijden van kinderarmoede staan steeds meer onder druk, omdat de overheid beperkte ruimte heeft, bedrijven minder bijdragen en steeds meer gezinnen zelf moeite hebben rond te komen.
rietepietz zegt
In grote lijnen ga ik met Matroos Beek mee, alles afschuiven op een regering is niet helemaal terecht. Ook ik groeide in, en na, de oorlog op in een gezin waar héél weinig was en vaak iets tekort. Inderdaad geen geld voor een schoolreis. En een boekje bij de kruidenier waar de rekening zo laag mogelijk gehouden moest worden, dan maar geen beleg op brood as het geld op was. Maar we leerden wél de buikriem aan te trekken i.p.v. schulden maken. Ik ben er niet slechter van geworden.
In de huidige gezinnen is ‘geen ontbijt voor de kinderen’ meestal een kwestie van verkeerde prioriteiten en/of foute tijdsindeling. Echte armoede zoals ik die gekend heb bestaat minder dan zo lijkt. En zeker, dat is héél zorgelijk want er groeit wéér een generatie op zonder, of met verkeerde, normen en waarden.
francky zegt
Ik ben opgegroeid in een eenvoudig arbeidersgezin. Er was geen luxe, maar we hadden niets tekort.
Tegenwoordig kom ik in contact met mensen die in armoede leven. Het is voor velen een straatje zonder einde.
Rianne zegt
Ik ben als kind niets tekort gekomen, en ook als volwassene niet. Ondanks opgroeien in een eenoudergezin is Zoon niets tekort gekomen. Maar ik heb genoeg armoede om mij heen gezien om te weten hoe verlammend het is. Hoezeer mensen op de korte termijn denken. Moeten denken.
Maar ook hoe ooit bedrijven als Wehkamp en diverse online geldschieters met 17% rente mensen die het krap hadden een poot uitdraaide.
Verder: ooit was het een ‘gouden’ regel dat je niet meer dan 1/3 van je inkomen kwijt was aan wonen. Voor veel mensen is dat tegenwoordig al de helft. Dan wordt leven snel vervangen door overleven.
Inderdaad een schandaal dat dit in een rijk land als Nederland nog niet is opgelost.
Nicky zegt
Mijn dochter is opgegroeid in eenoudergezin. En nee, het was geen vetpot maar ze is niets te kort gekomen (en jaaa, de bieb was gratis voor haar dus we waren groot fan). Maar ik realiseer me ook dat ik makkelijk praten heb. Ik ben totaal niet materialistisch en zij dus ook niet. En ik heb van huis uit mee gekregen dat je eerst moet sparen voordat je iets koopt. Ik heb geleerd hoe je zuinig kunt zijn. En daar gaat het nu vaak mis, denk ik. Ik zie mensen soms hele slechte financiële keuzes maken. Maar ze hebben gewoon niet geleerd hoe het beter kan. En wat je vaak hoort, bij geldzorgen werkt je brein niet (meer) mee en blijven mensen onverstandige keuzes maken. Bovendien is alles wel verschrikkelijk duur geworden. Heel zorgwekkend inderdaad.
Mevrouw Niekje zegt
Hi, ik snap je zorgen en ik deel ze ook. In het onderwijs, in ieder geval op het mbo waar ik werk, is er aandacht voor financiën, zijn er lessen over geld verdienen, uitgeven, sparen, lenen… alles komt voorbij. Helaas weten veel mensen in een financieel moeilijke situatie niet de juiste wegen te bewandelen voor hulp óf ze schamen zich om hulp te vragen. Ik zie het ook allemaal voorbij komen in mijn werk.
Jan K. alias Afanja zegt
Ik sluit me aan harte bij je hartenkreet. We zijn langzamerhand op diverse terreinen afgezakt naar een bedenkelijk niveau. Onze maatschappij lijkt steeds meer als los zand aan elkaar te hangen, waarbij verbinding en verantwoordelijkheden lijken te ontbreken. En ik vrees dat het intussen geen zaak meer is van ‘ach, het zal mijn tijd wel duren …’ Wat er nu allemaal speelt, gaat mijn tijd niet meer duren zoals het gaat.
Naomi zegt
Ik deel je zorg. En als kinderen zich zorgen moeten maken om geld, vind ik dat dubbel zorgelijk. Met de kennis van nu denk ik dat wij het vroeger thuis ook niet heel breed hadden, maar die zorg werd bij ons als kinderen weggehouden.
Judy zegt
We moeten tegenwoordig zo veel. Dure dingen. Daar zit het geluk niet in. Maar tegelijkertijd is het verschil tussen arm en rijk steeds groter geworden.
Marthy Berends zegt
In 1949 geboren in een arbeidersgezin, er waren er al drie me voorgegaan en er volgde er nog zes. We hebben geen honger geleden maar er werd geen korst brood weggegooid wat ik nog steeds niet doe. Ik kan de wereld niet veranderen maar zie wel om me heen, ook van dichtbij hoe die wereld verloederd. Er wordt in veel gezinnen wel gevoed maar het woordje ‘op’ kent men niet.
djaktief zegt
Mijn ouders hadden geen geld. Toen mijn moeder in verwachting was van mijn zus verloor ze veel van haar tanden omdat er geen geld was om fruit te kopen. Ze aten paardenvlees en aardappelen want goedkoop verkrijgbaar. Ze sloten een lening en voeren met hun schip om geld te verdienen en losten zo alles af. Ik heb geleerd om alles te hergebruiken en gooi nooit eten weg. Er beschimmeld ook niks bij mij doordat ik niet teveel koop. Mijn ouders mochten maar kort naar school en hebben ons ontzettend gestimuleerd om te leren tot de middelbare school. Daarna een korte opleiding om geld te gaan verdienen. Universiteit kwam niet in ons op. Op onze beurt gaven wij dat spaarzame weer door aan onze kinderen met de studiestimulans nu wel voortgezet na de middelbare school. Wat ik hiermee wil zeggen is dat het meerdere generaties duurt om uit armoede tot ontwikkeling te komen. Ik maak me zorgen over het grote aantal scheidingen waardoor het gezin en het geld om dat gezin tot ontwikkeling te laten komen sterk afneemt. Maar ook de begeleiding van de kinderen heeft vaak te lijden omdat ouders elkaar bestrijden en/of meer werkuren moeten maken om alles rond te krijgen
Een oplossing heb ik niet maar dit is iets waar ik me veel zorgen over maak.
Matroos Beek zegt
Toen ik klein was, hadden we ook relatief weinig geld, maar er was liefde, aandacht en er waren grenzen. En de bibliotheek in de straat!
Ik kreeg pas op mijn tiende mijn eerste nieuwe rokje; voordien droeg ik afdragertjes, en dat was gewoon normaal.
Wat ik vandaag mis, is inderdaad de overdracht: weten hoe het hoort, leren wachten, respect ervaren, houvast krijgen. Veel ouders hebben dat misschien nooit meegekregen. Armoede los je niet op met nóg een fonds, maar met tijd, nabijheid en een opvoeding die weer durft te begrenzen.
Tegelijk besef ik dat ik makkelijk praten heb. Er komt zoveel druk en zoveel prikkels van alle kanten op iedereen. Ga er vandaag maar eens aan staan, zowel als ouder als als kind.