Het standbeeld wat er niet mocht zijn

Het standbeeld wat er niet mocht zijn

Het is de avond van 5 oktober 1944 in Goirle een Brabants dorp onder Tilburg. Ingekwartierd in één van de boerderijen schrijft een soldaat, een jongen van net 18, zijn ouders een brief. Hij heeft een bang voorgevoel en schrijft dat tegen de tijd dat zij deze brief krijgen, hij er niet meer is.

Op tafel branden een paar kaarsen en de diepe stilte wordt enkel onderbroken door het verzitten van één van zijn maten of een enkel kuchje. Ze zitten in de stal van een familie waar Karl-Heinz het goed mee kan vinden. Hij was een ongewenst kind en toen zijn vader het leger inging wilde hij niet bij zijn stiefmoeder blijven en ging bij zijn opa en oma wonen. Kort nadat hij zijn diploma heeft gehaald wordt hij opgeroepen en werd als kanonnier ingezet in Goirle aan het front. Hij was jong maar geen bange jongen, zodra hij kon waarschuwde hij de familie en gaf geheime informatie door, iets waar hoge straffen op stonden. Maar daar dacht hij niet aan die avond 2 dagen na zijn 18e verjaardag hij dacht aan dat nare voorgevoel en wachtte op wat komen ging.
Het standbeeld wat er niet mocht zijnHet wordt de ochtend van 6 oktober 1944 en de geluiden zijn onmiskenbaar die van een aanval. Mortieren, granaten en Karl-Heinz rent dan ook met zijn maten naar hun stelling, tenminste zijn vier maten rennen door want Karl-Heinz ziet tot zijn afschuw dat twee kinderen rustig op het erf spelen. Het zijn de kinderen van de mensen die hem vriendelijk behandelen en hij twijfelt dan ook geen moment grijpt onder elke arm een kind en brengt ze in veiligheid. Maar wanneer hij daarna naar buiten rent alsnog op weg naar zijn stelling, langs de plaats waar net nog de twee kinderen speelde, rijt een mortiergranaat hem uiteen.

Zestig jaar verzwegen
Een brief met details vertelde de vader van Karl-Heinz niets over het voorval bij de boerderij een mooi verhaal staat erin, niet de waarheid, niet dat zijn zoon als held gevallen is. De commandant sluit wel een kaart bij met daarop de locatie van het graf. Hij is begraven in de moestuin bij de boerderij waar hij sneuvelde.
Zelfs toen de vader van de gevallen soldaat bij de boerderij parkeerde, lang na de oorlog maar kort na het vallen van de muur, is hem niet verteld over de heldendaad van zijn zoon. Was het de taalbarrière of puur verzwijgen, de boer noch zijn zoon vertelde wat deze gekrenkte vader zoveel rust had kunnen brengen. Was er de angst om als pro-Duits gezien te worden in dit dorp?

Mag een heldendaad dan niet herdacht worden?

In 1948 werden de resten van Karl-Heinz overgebracht naar de Duitse begraafplaats in Ysselsteyn (Vak: BF. Rij: 10. Graf: 238.) maar rust kwam er niet voor de 2 geredde kinderen Jan en Toos. Het verzwijgen van de heldendaad lag als een last op hun schouders. Ze hadden immers die arme vader en zijn familie van enige troost kunnen voorzien door hem te vertellen wat er gebeurd was. Het lot speelde toen anders maar 60 jaar na dato werden na lang zoeken de halfbroers van Karl-Heinz gevonden.

Het standbeeld wat er niet mocht zijn
In aanloop naar 2008 werd het verhaal alsnog bekend en er was sprake een beeld te laten maken voor in een plaatselijk museum. Zoveel jaar na dato riep dit nog zoveel verzet op dat het idee tijdelijk in de ijskast verdween. Het standbeeld wat zoveel ophef veroorzaakte was al klaar maar een openbare plek kwam er maar niet. Mag een heldendaad dan niet herdacht worden?

Dat zinde een bewoner van Riel niet, hij was een voormalige buurjongen èn had daarnaast het veldgraf van Karl-Heinz verzorgt tot aan de her begraving. Velen betaalden er aan mee, maar publiek of gemeentelijke gelden kwamen niet voor het beeld. Daarom staat in een voortuin in Riel nabij Goirle, niet ver van waar hij sneuvelde een standbeeld van een Duitse soldaat. Een beeltenis van de heldendaad die hij met de dood moest bekopen.

24 reacties

  1. Niet elke Duitser was tijdens WO2 meteen fout. Helaas was dat wel de bezetting van ons land en wat daarvan de gevolgen waren. Vandaar dat wij weinig op hebben met die bezetters. De nuance vaak vergeten. Daarbij waren 10 miljoen Nederlanders indertijd bij het verzet betrokken……. Volgens hun eigen beleving dan..

  2. In oorlogen zijn er altijd aan twee kanten goede én slechte mensen . Heel mooi dat dit bijzondere beeld toch een plekje heeft gekregen.

  3. Triest dat de vader het nooit heeft mogen weten.
    Ik kende het verhaal uiteraard niet, maar ik hoop wel dat het standbeeld kan blijven staan. Als het in de tuin van die voormalige buurjongen staat, dan zal deze man ook al aardig op leeftijd zijn. Woont hij daar nog? Als er misschien andere mensen komen wonen, blijft dat beeld dan staan?

  4. Kippenvel hier. Wat een aangrijpend verhaal. Ik denk aan mijn vader, die ook altijd zei ‘De meesten werden ook maar gestuurd’. Kinderen nog. Zo erg.

  5. Die jongens móésten ook maar.. en dan nog zo’n heldendaad, wat ie met z’n leven moest bekopen.. best vreemd dat men daar niks van wil weten.

  6. De nazi’s waren gewetenloze mensen, ook het eigen volk werd gedwongen mee te vechten.
    Zei men nee wachten de dood of die van familie.
    Vele gewone soldaten wilden geen oorlog en er ook niet aan mee oden.
    Dus het beeld is goed om te plaatsen, ook daar moet men over nadenken. Hans

  7. Juist beelden van dit soort mensen moeten neergezet worden. Er bestaan goede mensen. Hou je daar aan vast.

    Love As Always
    Dimario

  8. De 2de Wereldoorlog had niet mogen gebeuren, maar reeds, ’t is gebeurd! Wereldwijd ca. 50 miljoen doden. Onvoorstelbaar!
    “Daar waar geweld gedijt en men de liefde mijdt, worden slachtoffers geboren en is de strijd reeds verloren.”

  9. Wat een heftig verhaal…. hypocrisie ten voeten uit…. zoiets kan me echt boos maken. Gelukkig was er de buurman die zorgde dat ere toekomt aan diegene die het echt verdient.

  10. Dat er na de oorlog niets bekend was dat snap ik, maar in 2008 was er heus bekend dat als zo’n joch niet ging, zijn ouders opgepakt werden. Deserteren betekende de doodstraf.

  11. mooi van de voormalige buurjongen
    in de jaren na de oorlog kan ik het begrijpen dat met er geen standbeeld wilde , maar veel later toch niet meer te bevatten deze denkwijze
    zelf denk ik dat de 2 geredde kinderen dat standbeeld nog wel een opzoeken , toch

    dus een rilletje in aprilletje en Liesbeth een extra dekentje :)

  12. En terecht dat dat daar staat. Die jongens werden ook maar gestuurd. Er waren wel meer van deze jongens die met tegenzin naar het front moesten en de burgerbevolking hielpen waar dat kon.

Reacties zijn gesloten.